Chili

chiliGeschiedenis:

Wijndruiven (Vitis Vinifera) komen van oorsprong niet voor in Zuid-Amerika; ze kwamen met de Spanjaarden mee, die rond 1500 een groot deel van het continent veroverden. Eerste pogingen om wijngaarden aan te leggen waren niet succesvol, maar in Chili werd het juiste klimaat gevonden.

In 1548 werd de eerste wijn in Chili geproduceerd en al snel werden wijngaarden aangelegd van Limari Valley in het noorden tot aan de Bio-Bio Valley in het zuiden - ruwweg hetzelfde gebied dat nu nog steeds voor wijnbouw in gebruik is.

 

Algemeen:

Wie naar de landkaart kijkt, ziet meteen dat Chili een bijzonder land is. Het is gemiddeld niet breder dan 180 kilometer, maar het is wel 4.300 kilometer lang! Dat betekent dat er een enorme diversiteit van klimaatzone's is, hetgeen nog eens wordt versterkt door het bergachtig karakter, waardoor Chili eigenlijk een aanéénschakeling is van valleien.

Het wijnland Chili ligt ingeklemd tussen de machtige pieken van het Andes-gebergte in het oosten, de Grote Oceaan in het westen, de Atacama-woestijn in het noorden en het Antarctische zuiden. Dat natuurlijk isolement heeft er toe bijgedragen dat de wijngaarden van Chili eigenlijk nooit zijn bedreigd door de rampen die in Europa en Noord-Amerika hebben huisgehouden (Phylloxera, bijvoorbeeld), en dat ziektes sowieso weinig gelegenheid hebben, het land binnen te dringen. Bestrijdingsmiddelen kunnen daardoor tot een minimum beperkt blijven.

De wijnbouw in Chili is sterk verankerd in Franse wijnbouwtradities. In de negentiende eeuw was Frankrijk een geliefd vakantieland voor de welgestelde Chileen, en daarbij hoorde ook het drinken van wijn. Het is daarom niet vreemd dat Chili vrijwel uitsluitend van oorsprong Franse druivenrassen verbouwt. De voornaamste druivenrassen zijn Cabernet Sauvignon, Merlot, Pinot Noir en Carmenère voor rood, Chardonnay, Sauvignon Blanc en Viognier voor wit.

Carmenère is een specialiteit voor Chili, zoals Zinfandel voor Californië, Malbec voor Argentinië en Pinotage voor Zuid-Afrika. Toch is het een oud en in onbruik geraakt druivenras uit Bordeaux. Na de ramp met de Phylloxera keerde Carmenère nauwelijks terug in de wijngaarden van Bordeaux. Het ras is gevoelig voor coulure (waarbij de vruchtzetting niet evenwichtig verloopt als het seizoen te koud is, zodat een tros rijpe en groene vruchten kan hebben) en werd daarom nauwelijks opnieuw aangeplant. In Chili is het klimaat echter perfect voor Carmenère: hij levert er zachte, ronde wijn met verfijnd fruit, een kruidige Merlot, als het ware. Bekendheid kwam echter pas in 1994, toen men er na uitgebreid ampelografisch onderzoek achter kwam dat heel veel in Chili aangeplante "Merlot" eigenlijk Carmenère bleek te zijn...

 

Wijnen uit Chili: